Lang geleden weeral, dus komen we maar meteen op de proppen met dubbel sportief nieuws.

Op
zaterdagavond werd immers het clubkampioenschap karting gehouden bij de
Extreme Kart in Herselt. Het werd een leuk, spannend en incidentrijk
(spookrijder) spektakel met volgend eindresultaat:

– Goud: Cossiekiller (aka Gino ofwel Kartkiller)
– Zilver: Bert
– Brons: Bjorn

Uw verslaggever tekende nog protest aan wegens gesaboteerde motor,
maar die klacht werd door de uiterst strenge jury verworpen. Desondanks
behaalde ik toch een knappe vierde plaats, net naast het podium dus (dat
er slechts vier racende clubleden waren doet hier weinig ter zake). Het
was in ieder geval een zeer geslaagde avond.

Dan maar terug naar ons vertrouwd terrein, het mountainbiken.

Na de leuke zaterdagavond was de zin om zondagochtend vroeg op te
staan allerminst aanwezig. De drang naar het après-OB-festijn (+
aangekondigde traktatie van Geoffe) kregen me toch zover om af te zakken
naar Den Egger in Scherpenheuvel. Dat was dit jaar immers de
startplaats van de toertocht ingericht door MTBC Messelbroek.

Rond iets voor half negen arriveerde ik met de Tompie-tuut-tuut in
Scharphill-City. Enkele minuten later botste ik in mijn zoektocht naar
de inschrijvingstafel op drie collega-groenhemden, nl. Gino, Bert &
Lieve. Na een bijna frontale aanrijding met enkele tegenliggers (ditmaal
waren wij de spookrijders), en een zeer vlotte inschrijving, gingen we
rond twintig voor negen van start. Ons viertal besloot al snel dat de
middellange afstand wel zou volstaan vandaag.

Vanuit Scherpenheuvel ging het in gestrekte draf richting Zichemse
Maagdentoren. Van daaruit volgden we de Demer richting Testelt, en werd
het tempo serieus de hoogte in gejaagd. Bij de spooroverweg in Testelt
werd duidelijk wie “de durver”, “de volger” en de twee “grijze
schaapjes” van ons viertal waren. De twee grijze schaapjes verloren daar
in elk geval een vijftal minuten op de durver en de volger. (wegens
eventuele gerechtelijke vervolging gaan we hier niet verder op in)

We zouden elkaar terugzien in het Testeltse gehucht “Ter Hoeve”. Gino
had daar immers ook al de bandenkiller uitgehangen, toch echt ne
gevaarlijke kerel eigenlijk. Tot mijn grote, maar blijde, verbazing
kwamen we op dat punt ook Pascal en (een raar ogende) Steven tegen. Met
z’n zessen reden we dus verder richting Rode Berg. Daar ging het goed op
en af en besloot Bert om zijn duivels te ontbinden, met een zwoegende
Tompie in z’n wiel.

De bevoorrading aan basisschool ’t Steltje (daar waar Tompie vele
jaartjes achter de meisjes aan gelopen heeft) kwam dus perfect op tijd
om even te bekomen. Na de soep, koek en banaan (wat een combinatie
eigenlijk) werd er koers gezet richting “de mast van Testelt”. Na een
kort maar krachtig klimmetje kregen we nog het mooie afdalingkje naar de
spoorweg toe voor de wielen geschoven.

Op weg richting Messelbroek lieten we de Demer letterlijk rechts
liggen, en vervolgden we de 25km-route. Via Keiberg/Zichem kwamen we al
vrij snel aan het laatste, maar door de felle tegenwind misschien wel
zwaarste stukje van deze tocht: het dwars door het openveld-stuk
richting Diestersteenweg. Hier speelde Lieven voor supersterke
meesterknecht door ons mooi op sleeptouw te nemen, sterk nummer!

Net voor de aankomst kwamen we nog junior Van Der Weyden tegen, die
samen met zijne peter en vaderlief onderweg was. Acht clubleden geteld
dus, en misschien waren er zelfs meer?

Terwijl Elias, Patrick en
Tompie de auto opzochten, mochten Bert, Lieven, Gino, Steven &
Pascal zich nog eens goed uitleven in een gevecht tegen de wind op weg
naar den OB. Steven en Pascal kwamen onderweg zelfs blijkbaar nog in
aanvaring met een agressieve autobestuurder.

Een uitgebreide après-ervaring later was het weer tijd om huiswaarts
te keren. Het was zeker geen onvergetelijke tocht, maar het samenzijn
(en ’t daarbijhorende gezever) maakte er toch weer een fijne
zondagvoormiddag van!